SPODDEN – ONBEKEND IS ONBEMIND?

Het is 19 juli en heet. De Lage Landen kreunen al een tijdje onder een aanhoudende droogte, het contrast met dik 12 maanden geleden kon niet groter zijn. Er hangt onweer in de lucht en ik kan amper wachten tot het zal rommelen en rammelen. Goed geluimd sta ik al zo’n 3 kwartier te spodden. Boilies en een partikelmix bestaande uit tijgernoten en hennep klieven ‘raketgewijs’ door het luchtruim. Op afstanden tussen 85 en 100 meter spat de Spomb open zodra deze het wateroppervlak raakt. Ik denk dat zelfs despoten als Kim Jong-un dit een leuk tijdverdrijf zouden vinden. Het binnen draaien van het raketje en het laden daarvan laten ze wellicht over aan een onder het leed gebukte, doch plichtbewust glimlachende slaaf, maar het lanceren van het ding: ho maar! Da’s spek naar de bek van Kimmy!

Gisteren vatte ik post aan een van de uiteinden van de plas: de diepere baai waar ruim 4,5 meter water staat, in het midden bezaaid met wat afgezaagde stronken, die evenwel geen probleem mogen vormen na een aanbeet. Ik vis de 2 hier toegestane hengels richting het talud aan de overkant, waar bomen en struiken als een lappendeken over de waterkant hangen. Deze morgen zag Tom hier een tiental karpers dobberen, en toen ik zelf enkele uurtjes later poolshoogte ging nemen, lag er nog een vis of 5 te soezen. Ik wist er gedurende 20 visuurtjes echter geen enkele te verleiden tot een aanbeet, en pakte – het naderend onweer in het vooruitzicht – tegen het middaguur in om te verkassen naar een van de stekken in het bos. Een stekwissel die me noopte de spodhengel en Spomb uit het foudraal te grissen.

Vaak gebruik ik het ding niet, eigenlijk enkel hier, op een zandafgraving waar het gebruik van elke soort boot uit den boze is. De katapult is een no go, wegens het geringe bereik, en een werppijp hoef je nog maar vast te nemen, of de hele meeuwenkolonie vliegt op en is klaar om 70 procent van de gevoerde boilies uit het water te pikken. De door Pavlov ontdekte klassieke conditionering heeft ook de meeuwen in haar ban. Blijft over: de ‘spodrod’!

Hoewel aan de oevers van deze plas, in deze omstandigheden een noodzaak, is het eigenlijk frappant dat de spodmethode in onze contreien niet méér wordt ingezet. Waters met een (voer)bootverbod zijn er toch overal ten lande? Daarbij is het een instrument dat, als je ’t goed inzet, een meerwaarde kan betekenen voor je visserij en je zeker en vast extra karper op de kant zal brengen. Plus – en da’s ook niet onbelangrijk – scheelt het je een aardige cent in je budget als je de aankoop van een goede spodhengel en -molen af gaat wegen tegen die van een degelijke voerboot.

Enkele kenmerken / voordelen:

– Relatief goedkoop in aanschaf.
– Makkelijk voeren op grote afstanden.
– Ook partikels of boiliekruim voeren vormt geen enkel probleem.
– Ten opzichte van de werppijp creëer je, i.p.v. een zeer verspreid boilietapijt, een grote voerplek of een grote oppervlakte met allemaal kleinere hoopjes voer. Dit kan in de juiste omstandigheden een bepaalde conditionering van karpers omzeilen.
– Geen last van meeuwen die je aas onderscheppen.
– Je spodrod kan zo mee in het foudraal, je hoeft dus geen (voer)boot mee te zeulen. Makkelijk voor korte sessies of voor het mobiel vissen.

Zelf maak ik voor het spodden gebruik van de Shimano Aerlex 7000 Spodmolen, die voorzien is van 3 lijnclips. De molen haalt zonder problemen de door mij gewenste afstanden, al heb je aan mij nu niet meteen een crack in het gooien van extreem verre worpen. In combinatie met de Tribal TX Spodhengel heb je een spodmachine waarmee je vol vertrouwen naar elk waterfront kan trekken. Voor de volledigheid: ik gebruik een 3,65 m 5-pondsstok.

Nog een laatste tip, en eigenlijk een must! Schaf je meteen een handschoentje aan om je vingers te beschermen. De kracht die je uitoefent op je wijsvinger is bij het spodden enorm!

Spod ze, en vang ze!

Mark Hoedemakers

Boekenlegger op de permalink.

Geef een reactie