Komkommertijd

Midden augustus inmiddels. Het jaar schiet flink op, de zomer is ruim op weg – komkommertijd. Doorgaans veel te warm om te vissen. De ACE-beetverklikkers zwijgen in alle toonaarden. De enige actieve en dus bijtende beesten zijn de muggen die het op mijn bloed gemunt hebben. Die ’s nachts zoemende mormels die me uit de slaap houden en zowat lek prikken. Lijkt wel of ze geschapen zijn om ons te jennen…

Pic 1_De ACE-beetverklikkers zwijgen in alle toonaarden

Verder is het te druk langs de waterkant. Vervelende lieden die de rust verstoren. Bovendien hangen de karpers lusteloos te wezen. Wat ik hen ook aanbied: een exquise boiliemaaltijd, een selecte keur aan met zorg bereide partikels, een in gerookte zalmolie gedrenkt hondenbrokje, een drijvende viergranenbroodkorst, het mag allemaal niet baten. Ze halen er vierkant hun neuzen voor op! Hebben ze een gebrek aan zuurstof, last van de duidelijk zichtbare algenbloei, zijn ze weg en zelf vakantie nemende? Ik weet het niet.
Wat ik wel weet: laten ze maar opschieten met die veel te hete augustusmaand. Eens september tref je als vanzelf een hoop minder mensen aan langs de oevers. Keert de rust gestaag terug en kan de natuur weer natuur zijn. In olie gemarineerde zonaanbidders, jeugdige bierdrinkende feestvarkens, op luchtmatrassen dobberende druktemakers en bbq-ende hangouderen hebben tegen die tijd weer de draad van hun (normale) leven opgepikt en plaats geruimd.

Pic 2_Laten ze maar opschieten met die veel te hete augustusmaand

Ik kan dat alleen maar toejuichen en de weergekeerde rust omarmen als een verloren vriend. Laat ze die hemelsluizen maar eens flink opendraaien en de wind wat aanwakkeren zodat Jan Pedaal en Mie Modaal finaal de aftocht blazen of zich op zijn minst gedeisd houden tot de volgende zomer.

Dan kunnen wij karpervissers weer met vernieuwd enthousiasme de hengels richting horizon slingeren en in stilte genieten van de ondergaande zon, een uilenkreet of een sierlijk springende karper.

Ik heb mij afgelopen maand net een keer teveel geërgerd aan de sfeerbederver die, zodra de thermometer boven de 25°C uitkomt, het water annexeren en vervolgens die omgeving achterlaten als een gigantisch vuilnisbelt. Honderden blikjes, duizenden sigarettenpeuken, plastic in alle mogelijke uitvoeringen, kapotte strandstoelen, lekke boten en dito matrassen, zelfs een stuk gewaaide tent… Waarom kunnen die lui hun zooi niet gewoon mee naar huis nemen?

Voortaan blijf ik binnen gedurende die vermaledijde periode of zoek desolate oorden op waar m’n geest kan uitwaaieren en ik tot rust kan komen.

Alijn Danau

Een meter+ van voor de warmtegolf

Een meter+ van voor de warmtegolf

 

Boekenlegger op de permalink.

Geef een reactie